Moordjongens
×
Moordjongens Moordjongens
Nederlands
2009
Vanaf 12-14 jaar
Speelduur: 7:24
Twee ex-kindsoldaten komen na jaren vechten terecht in een tehuis waar ze ontwapend worden en moeten re-integreren.
Aanvragen
Daisy-boeknummer 17495
Titel Moordjongens
Auteur Ginny Mooy
Verteller Willy Geerts (inlezer)
Taal Nederlands
Distributeur Brussel: Luisterpunt, 2009
1 cd
Speelduur 7:23:43
Aantekening Stem: Man
Vlaamse stem

NBD Biblion

Ruud Booms
Idrissa en Jim zijn zwaar getraumatiseerd door het barre leven dat zij hebben geleid. Doden om zelf niet gedood te worden, onvoorwaardelijke onderworpenheid aan de bloeddorstige commandanten, drugs en alcohol hebben deze jonge kinderen gevormd tot meedogenloze moordmachines. Hoewel zij deelnemen aan een actieprogrammma met aandacht voor 'disarmament, demobilization and reintegration (DDR)' worden zij door de directe omgeving met argwaan bekeken. Ondanks verdragen en nationaal vastgelegde wetgeving is het de internationale gemeenschap tot op heden niet gelukt om de inzet van kindsoldaten uit te bannen. In het boek wordt de moeilijke weg terug gevolgd naar een normaal burgerbestaan van twee voormalige kindsoldaten uit de rebellenlegers van Sierra Leone en Liberia. Het taalgebruik is eenvoudig met in de dialogen een voorkeur voor straattaal. De auteur is een cultureel antropologe die in Sierra Leone veldwerk heeft verricht naar ex-kindsoldaten. Haar onderzoek heeft geleid tot dit onthutsende docudrama. Eerder verscheen ook: 'De wil om te doden'*. Vanaf ca. 14 jaar.

Pluizer

Moordjongens
Ilse Verhulst - 22 januari 2015

Dit boek is geen boek voor ‘watjes’. Het is een verhaal over ex- kindsoldaten, gebaseerd op ware feiten. In het boek maken we kennis met het leven van twee kindsoldaten, Idrissa en Jim. Na de oorlog belandden ze in een tehuis dat kindsoldaten probeert te re-integreren in de maatschappij. Deze re-integratie is niet vanzelfsprekend. Ze hebben allebei een heel zwaar verleden, dat hen blijft achtervolgen. Jim put de kracht om door te zetten uit zijn geloof in God. Idrissa focust zich op zijn opleiding. Uiteindelijk eindigt het verhaal voor beiden positief. Dat is ook een stuk van de boodschap die de auteur wil meegeven: dat deze jongeren niet zijn ‘afgeschreven’, maar dat er in hen moet worden geïnvesteerd en worden geloofd. Deze kindsoldaten werd geen keus gelaten. Op een brute manier zijn ze op zeer jonge leeftijd in het rebellenwereldje terecht gekomen. En daar groeiden ze op met het idee dat vechten iets gewoons, alledaags is. Drugs zorgden ervoor dat ze konden moorden zonder zich al te veel vragen te stellen over wie, wat of waarom ze moordden. Na de oorlog, zonder geweer als partner, voelen ze zich verloren, machteloos en weten ze niet hoe ze zich staande moeten houden. Ze willen maar één ding, en dat is geaccepteerd worden en erbij horen. Maar dat is niet makkelijk als je als ‘moordenaar’ door het leven moet gaan. Ginny Mooy is antropologe en doet veldonderzoek naar kindsoldaten. Zelf is ze getrouwd en heeft ondertussen ook een kindje samen met een ex-kindsoldaat. Bij het lezen van het verhaal voel je ook deze betrokkenheid. Het enige, kleine minpuntje aan dit boek is dat er soms een te eenvoudige overstap is van een zeer penibele situatie voor de personages, naar een ‘alles is nu rozengeur en maneschijn'-situatie’. Voor mij verdient dit boek drie sterren! Maar wees gewaarschuwd: het verhaal is hard.